Gosainkunda trekking: binnen zeven dagen het echte 'Himalayagevoel'

In 2013 is Nepal de reisbestemming van Tibor Lelkes. Wandelen op het dak van de wereld, dat wilde hij al heel lang. En net als met al zijn reizen verdiept hij zich eerst in de reis en kijkt hij wat er allemaal te beleven is. Op gevaar af dat je teveel wil in een te korte tijd. Lees hoe hij uiteindelijk kiest voor de 'Gosainkunda trekking', waar hij in een week tijd het 'Himalayagevoel' beleeft.

Door: Tibor Lelkes

Sowieso wilde ik naar Nepal om daar door het indrukwekkende gebergte te wandelen maar zie dat er nog zoveel meer te doen en te zien is. Ik besef dat drie weken eigenlijk te kort is om het land te zien, maar meer tijd heb ik helaas niet. Dus moet ik kiezen en ga op zoek naar een interessante trekkingstocht van ongeveer een week waarbij je een beetje leuk de hoogte in gaat om het echte “Himalayagevoel” te krijgen. Via wat speurwerk op internet kom ik bij de 'Gosainkunda trekking'. Deze duurt 7 dagen en je bereikt al na de vierde dag een hoogte van meer dan 4600 meter. Om hoogteziekte te voorkomen is het belangrijk dat je niet te veel stijgt in een te korte periode aangezien je lichaam moet kunnen acclimatiseren. Deze tocht is dan ook het hoogst haalbare dat ik zou kunnen klimmen in die korte tijd.

De trekking begint bij het dorpje Sundarijal en loopt via een trap langs een watervalletje steeds verder omhoog naar de terrasvelden.

Dag 1: Sundarijal (1350m) naar Chisapani (2300m). Al vroeg in de ochtend word ik opgehaald bij mijn hostel in Kathmandu. Samen met mijn gids Subba gaan we met de taxi naar het Shivapuri Nagarjun National Park, net boven de stad. Sinds 2002 is dit gebied een nationaal park en daarmee het negende nationale park van Nepal.

De dag begint goed. Het is zonnig met hier en daar wat wolkjes. Vanwege een voedselvergiftiging die ik een week eerder opliep is mijn conditie niet optimaal. Subba zegt me dat we eventueel van de route kunnen afwijken om snel terug te keren als ik me niet goed genoeg zou voelen. Maar ik kom hier voor de Himalaya experience, dus ik moet en zal het halen. Aangezien ik met een privé gids ben kan ik gelukkig mijn eigen tempo aanhouden.

De trekking begint bij het Sundarijal en loopt daar via een trap omhoog langs een watervalletje, waarna we steeds verder omhoog klimmen langs de terrasvelden. Hier is goed te zien hoe de lokale mensen leven en je hebt ook steeds een mooi uitzicht op de heuvels met de karakteristieke landbouw-terrassen.

Naarmate de dag vordert krijgen we wat meer bewolking maar de temperatuur blijft heerlijk warm; zo’n 25 graden. Hier lopen we nog tussen de bomen die op de heuvels aanwezig zijn. Toch wordt het wel steeds zwaarder. Na 6 uur gewandeld te hebben plus de tijd voor (lunch)pauzes komen we bij Chisapani, een dorpje op 2300 meter hoogte. En ik was kapot, de voedselvergiftiging zit nog in mijn benen. Het is tegen vieren en het dorp ligt bijna geheel in de wolken dus is het ook aardig fris. Best apart hoe snel de temperatuur kan zakken. Ik kruip snel onder de dekens en trakteer mezelf op een heerlijk dutje.

 

Vandaag heb ik een extra reisgenoot die mij de hele dag zou vergezellen. Helaas wil hij mijn rugzak niet dragen, maar verder is hij erg braaf.

Dag 2: Chisapani (2300m) naar Kutumsang (2446m). Deze dag is de langste wandeldag van de trekking: 8 uur lang traplopen naar Kutumsang. Het ligt maar 150 meter hoger, maar tijdens het lopen daal je ook veel stukken die je uiteraard ook weer omhoog moet. Het zou in ieder geval een pittige wandeling worden. Ik had nog steeds niets gegeten maar ik kan nog net bij het ontbijt een klein pannenkoekje naar binnenschuiven.

Om half 8 ‘s ochtends vertrekken we vol goede moed. Het is nog wat fris maar de mist is opgetrokken en de zon schijnt. Het landschap is vergelijkbaar met de dag ervoor. Veel bossen, terrasvelden en mooie uitzichten op de groene heuvels. Af en toe vangen we al een glimp op van de echt hoge pieken van de Himalaya. Dat is wel heel spannend want nu zie ik ook daadwerkelijk dat ik nabij het dak van de wereld ben.

De sensatie maakt echter al snel plaats voor uitputting. Omdat eten nog steeds moeilijk is koop ik onderweg, naast voldoende water, ook maar cola of een ander frisdrankje voor de nodige koolhydraten.

Vandaag heb ik trouwens een extra reisgenoot gevonden die mij de hele dag zou vergezellen. Althans; hij heeft mij gevonden en loopt gewoonweg de rest van de dag mee. Gelukkig hou ik wel van honden, dus ik vind het wel leuk. Elke keer als ik even pauzeer of foto’s maak wacht blijft hij trouw op me wachten tot ik klaar ben. Helaas wil hij mijn rugzak niet dragen, maar verder is hij erg braaf.

We lopen ondertussen weer wat hoger en hebben wat minder mooie uitzichten vanwege de bewolking. We komen nog steeds nauwelijks iemand tegen. Af en toe een paar theehuizen waar je wat drinken kunt kopen en soms wat lokale bevolking die als Sherpa’s spullen vervoeren naar andere dorpjes. Andere trekkers zien we nog niet. Wat dat betreft heb ik deze trek goed uitgekozen; heerlijk alleen wandelen in de natuur.

Na zo’n 8 uur, inclusief pauzes, komen we aan in Kutumsang, dus we hebben best stevig doorgewandeld. Ik ben weer bekaf maar ga met een gelukkig gevoel liggen om weer op krachten komen. Woeffie, zo noemde ik de hond, gaat wat neuzen in dit dorpje en heb ik daarna niet meer gezien. Later op de avond gaan we kaarten bij de kachel om de tijd door te komen.

Het Langtang National Park met het heilige meer Gosainkunda en de berg Lantang Lirung is leefgebied van de bedreigde rode panda.

Dag 3: Kutumsang (2446m) naar Tharepati (3700m). Vandaag gaan we flink wat de hoogte in. Tharepati, wat op 3700 meter ligt, ligt een stuk hoger. We komen vaak borden tegen die ons tips geven wat te doen bij hoogteziekte. Voornamelijk veel drinken. Dat probeer ik sowieso al vanwege mijn voedselvergiftiging ook al voel ik me vandaag al wat beter.

Vervolgens gaan we het Langtang National Park binnen. Het park met het heilige meer Gosainkunda, de berg Lantang Lirung die 7246 meter boven zeeniveau uitstijgt en het leefgebied van de bedreigde rode panda, de sneeuwpanter en de Yeti! Of die laatste gezien wordt vanwege eventuele hoogteziekte valt te bezien maar ik hou in ieder geval mijn ogen open!

Het gebied waar we vandaag lopen is voornamelijk bos. Heel mooi maar door de bomen weinig vergezichten. De mist helpt daar ook niet bij, maar het tafereel krijgt daardoor een magisch voorkomen: de mist die de kronkelige door mos bedekte bomen in het landschap laat verdrinken. Het was net een scene uit een of ander duister sprookje.

Het klimmen gaat me vandaag een stuk beter af. Ik kan langzaamaan wat meer eten en heb dus meer energie. Aan het eind van de middag komen we aan bij Tharepati.

Deze avond besluit ik me aan een echte maaltijd te wagen dus bestel ik wat de meesten hier ook eten; Dal Bhat. Een rijstgerecht met groenten en wat curry-achtige kruiden. Welke groenten er in het gerecht zijn verwerkt verschilt per regio en seizoen. Ze gebruiken gewoon de groenten die ze op dat moment voorhanden hebben. Mijn Dal Bhat was bereid met veel spinazie, waardoor ik stiekem hoopte op het Popeye-effect. Wat extra kracht kan ik best gebruiken.

 

Het uitzicht hier is spectaculair. Aan de ene kant zie je het dal en de groene heuvels onder ons, aan de andere kant de kale besneeuwde bergtoppen

 

Dag 4: Therepati (3700m) naar Phedi, high camp (4100m). Vandaag heb ik mezelf beter verklaard, omdat ik weer normaal kon eten. Ik kan dus weer mijn normale tempo oppakken. Wel neem ik genoeg tijd om van de uitzichten en het landschap te genieten, want deze zijn naar mijn mening een stuk spectaculairder; weer een stuk ruiger. We lopen lekker over de kale rotsen omhoog. Het weer zit ook nog steeds mee. Elke dag hebben we heerlijke temperaturen en helder weer. Tenzij je door de wolken loopt natuurlijk. Maar nu zitten we zo hoog dat de meeste bewolking onder ons ligt, wat weer voor een mooi uitzicht zorgt.

Tegen lunchtijd bereiken we Phedi. Dit is tegelijkertijd ook onze eindbestemming. Blijkbaar hebben we zeer snel gelopen waardoor we besluiten om naar Phedi high camp te gaan, wat maar 200 meter hoger ligt op 4100 meter. Na de lunch vervolgen we onze reis. Wat mijn gids er niet bij heeft verteld is dat we eerst 900 meter moeten dalen alvorens we weer gaan klimmen. Dit extra stukje valt daardoor erg zwaar. Eenmaal aangekomen ben ik blij dat we dit hebben gedaan. Het uitzicht hier is echt spectaculair. Aan de ene kant zien we het dal onder ons en de groene heuvels, die we al een tijdje achter ons hebben gelaten. Aan de andere kant zijn de kale besneeuwde toppen van de bergen te zien waartegen de hut waarin ik ga overnachten is gebouwd.

Die nacht besluit ik de kou te trotseren en de sterrenhemel te bewonderen. De hemel is overwoekerd met sterren, en het is zo helder dat je de Melkweg kunt zien. Na een uurtje ga ik half bevroren mijn bed in. Ik kan niet wachten tot morgen. Dan zal ik echt over het dak van de wereld gaan lopen!

 

Ik geniet van het onherbergzame gebied. De eerste sneeuw wordt zichtbaar en de stroompjes water die ik eerder tegenkwam zijn nu half bevroren.

Dag 5: Phedi, high camp (4100m) naar Chandan Bari (3250m). Aanvankelijk had ik mij deze ochtend iets anders voorgesteld. Gisteren was ik nog in extase over deze plek en alles wat deze dag nog zou brengen, maar ik word wakker met een knallende koppijn. Dat is op zich bijzonder, want ik heb in mijn leven nog nooit hoofdpijn gehad. Weer een ervaring rijker. Uiteraard wist ik wel waar het aan lag. AMS, oftewel Acute Mountain Sickness. Subba had al gezegd dat dit zou kunnen gebeuren. We zijn in relatief korte tijd vrij hoog geklommen. Ik had te weinig gedronken en ik had teveel vocht verloren. Gelukkig is het niet te ernstig en kan ik na mijn ontbijt en een kop thee er gelukkig weer tegenaan.

Eenmaal weer op pad wordt mijn hoofdpijn al snel minder en ben ik het door de pracht om mij heen ook snel vergeten. Het eerste deel van de tocht is een klim naar 4610 meter. Daar zouden we de bergkam overgaan en bij het eerste meer aankomen; Suryakunda. De 500 meter omhoog, waarvan ik dacht dat het vrij vlot zou gaan, vallen toch tegen. Door de ijle lucht ben ik sneller buiten adem, dus doe ik rustig aan. Ik geniet ondertussen van het onherbergzame gebied. Nu wordt de eerste sneeuw al zichtbaar en de stroompjes water die ik eerder tijdens deze tocht veelvuldig tegenkwam zijn nu half bevroren.

We arriveren bij de bergkam en ik sta paf van het uitzicht. Hier ligt het Suryakundameer en deze kant van de berg is helemaal bedekt met sneeuw.

Enige tijd later arriveer ik bij de bergkam en ik sta paf van het verbluffende uitzicht. Hier ligt het Suryakundameer en deze kant van de berg is helemaal bedekt met sneeuw. Nee, ijs! Het is zo hard bevroren dat je er op kunt schaatsen. Verder aan de horizon is de hoge Himalaya te zien. Het Annapurna massief, het Ganesh Himal massief en de Manaslu; de op 7 na hoogste berg ter wereld. Dit is het mooiste uitzicht dat ik ooit heb gezien. Er komt bij dat ik het geluk heb dat de hemel mooi helder is waardoor je zo ver kan kijken. Totaal overrompeld moet ik even zitten om het volledig in me op te kunnen nemen.

Even later begonnen we aan de afdaling. “It’s all downhill from here” grapten we wat. Dit was wat lastig door de gladde ijsvlakte. Ik moest goed opletten waar ik mijn voeten plaatste, want ik kon hier gemakkelijk uitglijden. En ja hoor, dat liet niet lang op zich wachten. Daarna nog een keer, en nog een keer. Subba lachte me hard uit. De laatste val was echter minder grappig. Een val waarbij ik zo’n 20 meter naar beneden gleed, voordat ik mezelf kon stoppen door naar een rots te grijpen. Ik bleef gelukkig ongedeerd maar ik heb er wel een waterfles vol deuken als souvenir aan overgehouden.

 

We dalen af en komen aan bij het heilige Gosainkunda meer. Dit wordt gezien als de verblijfplaats van de godin Dauri en de oppergod Shiva.

Hierna dalen we voorzichtig af langs wat andere meren en de sneeuw ligt al snel achter ons. Dan komen we bij het heilige Gosainkunda meer aan. Dit wordt gezien als de verblijfplaats van de godin Dauri en de oppergod Shiva. Shiva zou dit meer hebben uitgegraven met zijn drietand.

Hier lunchen we heerlijk en ik relax wat terwijl ik langs het water naar steentjes zoek. Ik geniet van het uitzicht en bedenk me dat als ik een god zou zijn hier ook wel goed zou kunnen toeven.

Na een uurtje gaan we verder en lopen langs een diepe kloof verder naar beneden. De uitzichten blijven spectaculair en na een paar uur arriveren we bij onze volgende slaapplaats. We zijn al heel wat afgedaald dus zijn we weer, net als de eerste dagen, in de groene heuvels beland. Ik ben een voldaan man. Deze dag bracht mij precies wat ik zocht in de trekkingstocht. Nu heb ik pas het idee écht in de Himalaya te zijn geweest.

 

De laatste wandeldag gaat snel. Al na een paar uur bereiken we Dunche, de hoofdstad van het gebied. Hier kan ik de hele dag door brengen.

Dag 6: Chandan Bari (3250m) naar Dunche (2030m). De laatste wandeldag gaat snel. Heel snel. Al na een paar uur bereiken we Dunche, de hoofdstad van het gebied. Het is maar een dorp maar vergeleken met de dorpjes die we onderweg zijn tegengekomen doet Dunche wel erg groot aan. Nu heb ik de hele dag om hier door te brengen, maar veel is er helaas niet te doen. Er zijn wat winkeltjes die je ook in grote getale ziet in Kathmandu, maar de meeste winkels zijn dicht vanwege een feestdag.

Het is de laatste dag van Tihar. Tijdens dit festival wordt de godin Laxmi, de vrouw van Vishnu, geëerd, de godin van de welvaart. Het dorp is daarom wel mooi versierd met lichtjes. Subba trekt in het hotel meteen een fles whisky open en staat erop dat ik met hem mee feestvier. Tja, wie ben ik dan om te weigeren. Om 11 uur in de ochtend ben ik al aardig aangeschoten en besluit over te gaan op de cola. Subba daarentegen blijft doorgaan tot hij niet meer kan en gaat daarna snel op zijn hotelkamer liggen. De rest van de dag heb ik hem niet meer gezien.

Om de tijd verder door te komen ben ik maar een beetje gaan surfen op mijn telefoon. Ik was weer in de bewoonde wereld en had WiFi. Na een weekje zonder kan ik me hiermee prima vermaken vandaag.

 

De spannende busrit terug naar Kathmandu. De weg is zeer smal en hier en daar half weggevaagd door regenval en kleine aardverschuivingen.

Dag 7: Van Dunche naar Kathmandu. Vandaag blijkt de spannendste dag van de trip te worden. Het bestaat alleen uit de busrit naar Kathmandu. De dag ervoor heb ik wat op het internet gezocht over hoe lang de bus er over deed. Dat had ik beter niet kunnen doen. Ik kwam louter horrorverhalen tegen, over hoe gevaarlijk deze rit is. De weg is zeer smal en hier en daar half weggevaagd door regenval en kleine aardverschuivingen. Bovendien is er ook geen vangrail. Wel duidelijk aanwezig; een diepe afgrond waar al meerdere voertuigen gebruik van hadden gemaakt. Het enige dat mij van een wisse dood houdt is de rijvaardigheid van de buschauffeur. Geen leuk vooruitzicht dus ik heb al snel spijt dat ik dit eerst op het internet heb gelezen.

De rit begint redelijk normaal op een geasfalteerde weg. Ook al rijdt de buschauffeur snel, ik maak me nog geen zorgen. Maar snel rijden we op kleine zandweggetjes vol kuilen en rotsen. De bus heeft geen vering dus worden we ook nog eens flink heen en weer geschud, dit in combinatie met het rijden vlak naast de rand van de afgrond. Je kunt rustig stellen dat ik me niet bepaald op mijn gemak voelde. Na twee uur angstzweet worden de wegen gelukkig wat breder en betrouwbaarder, maar ik kan mij toch niet meer echt ontspannen. De reis zou uiteindelijk meer dan zes uur duren voordat we terug zijn in Kathmandu.

 

Terugkijkend op deze tocht ben ik blij dat ik deze heb uitgekozen. Ik ben hoog in de bergen geweest en ik heb de route grotendeels voor mij alleen gehad. Samen met de gids natuurlijk. Het was ongetwijfeld een zware trekking, maar dat kwam voornamelijk doordat ik in het begin ziek was. Ik kan iedereen deze tocht aanraden. Er is veel diversiteit qua landschap. De groene heuvels, de terrassen en de bergmeren. Ook zie je hoe de lokale bevolking, de Tamang, leeft. De trekking voert je door de bossen, over rotsachtig gebied, langs diepe kloven en door de sneeuw. Ook zie je geweldige uitzichten op de hoge toppen van de Himalaya. Verder loopt er qua fauna ook genoeg rond hoewel ik daar helaas niets van heb meegekregen. Dat blijft toch vaak een kwestie van geluk. Al met al kan ik op een geslaagde tocht terugkijken.

 

Profiel Tibor Lelkes

Gosainkunda trekking: binnen zeven dagen het echte 'Himalayagevoel'

Door: Tibor Lelkes

Sowieso wilde ik naar Nepal om daar door het indrukwekkende gebergte te wandelen maar zie dat er nog zoveel meer te doen en te zien is. Ik besef dat drie weken eigenlijk te kort is om het land te zien, maar meer tijd heb ik helaas niet. Dus moet ik kiezen en ga op zoek naar een interessante trekkingstocht van ongeveer een week waarbij je een beetje leuk de hoogte in gaat om het echte “Himalayagevoel” te krijgen. Via wat speurwerk op internet kom ik bij de 'Gosainkunda trekking'. Deze duurt 7 dagen en je bereikt al na de vierde dag een hoogte van meer dan 4600 meter. Om hoogteziekte te voorkomen is het belangrijk dat je niet te veel stijgt in een te korte periode aangezien je ...

Lees verder
Een land van extremen aan de voet van de Mount Everest

Door: Ecktiv Redactie

Nepal is een land dat ingeklemd ligt tussen Tibet en de laagvlakte van de Ganges-rivier in ...

Lees verder
Boeddhistische stupa’s, hindoeïstische heiligdommen, koninklijke paleizen

Door: Ecktiv Redactie

Namasté Nepal! Vlieg je naar Nepal, dan land je bij de hoofdstad Kathmandu. In deze ...

Lees verder
Overweldigende natuur, duizenden tempels en hoge bergen

Door: Ecktiv Redactie

In Kathmandu wemelt het van de kantoortjes die je de mooiste trektochten en ervaringen ...

Lees verder
Tips Nepal

Door: Ecktiv Redactie

Straatnaambordjes zijn zeldzaam in Katmandu. Wil je een gedeelte van de stad dat niet op ...

Lees verder

- Advertentie -